Steun ons en help Nederland vooruit

maandag 28 oktober 2019

Raadsbijdrage Energietransitie – 22 oktober 2019

Guus Beenhakker

Voorzitter,

We bespreken de aangepaste nota over de energietransitie voor de gemeente Oosterhout. Het is fijn dat we het erover eens kunnen zijn dat er een energietransitie nodig is.

In een eerdere bijdrage vroeg D66 het college om eerst de Oosterhoutse daken te voorzien van zonnepanelen, voordat deze op landbouwgrond geplaatst worden. Dat is wat ons betreft nog steeds als eerste aan de orde.

Er zijn veel daken die zich ervoor lenen om vol gelegd te worden met panelen, eventueel na enige aanpassing. We begrijpen dat het plaatsen van zonnepanelen op particuliere daken niet kan worden verplicht, maar eigenaren stimuleren om dat wel te doen is in onze ogen in de eerste instantie hard nodig.

De gemeente zou zichzelf wel kunnen verplichten om daken van openbare gebouwen en andere bouwwerken, zoals geluidswallen, te voorzien van zonnepanelen. Zeker als het gaat om nieuwbouw. Wanneer een dak of (geluids)wal een goede positie heeft ten opzichte van de zon, zijn zonnepanelen een waardevolle toevoeging. De geluidswal langs de A50 bij Uden is hiervan een mooi voorbeeld. Misschien kan op zo’n manier zelfs een deel van –bijvoorbeeld- een geluidswal bij de Boswachterij Dorst worden terugverdiend. In elk geval leidt het gebruiken van bebouwing voor zonnepanelen hoe dan ook tot minder of minder grote zonneweides.

Al zouden alle daken worden voorzien van zonnepanelen, dan is er te weinig capaciteit om Oosterhout genoeg elektriciteit te leveren voor nu en in de toekomst, zo stelt het college.

Dan lijkt er dus niet te ontkomen aan de ontwikkeling van een zonneweide, concreet in de Oranjepolder. Wanneer we ons een zonneweide voorstellen, denken we aan grote stellages in een open veld waarop de zon ongebreideld kan schijnen om nieuwe energie op te wekken. Nieuwe energie is mooi, maar we houden ook graag oog voor landschap en natuur. D66 vraagt daar nu aandacht voor.

De Oranjepolder is een oude Biesboschpolder, die is ontstaan door het voorheen wassende water, met kleine beekjes die richting de Biesbosch stroomden. Kromgat en de Donge zijn daar nog steeds getuigen van.

Natuurmonumenten is bezig met het opstellen van een toekomstvisie voor het gebied rondom Oosterhout, voor de komende 6 jaar. Zij hebben de wens uitgesproken om –voor zover zij dat kunnen- de Oranjepolder met een passend Biesboschkarakter in te richten.

Daar het college als antwoord op sjabloonvragen aangeeft met de omgeving te willen samenwerken bij het realiseren van een zonneweide, verzoeken wij om ook zorg te dragen voor een passende landschappelijke inpassing. Door daarin samen te werken met partners als Natuurmonumenten, de natuurtuin Oranjepolder en wellicht ook het waterschap, kan de polder zoveel mogelijk een eenduidig (natuurhistorisch) karakter krijgen en vervolgens behouden. Bovendien loopt er ten oosten van het beoogde zonneveld een recreatief fietspad. Een mooie landschappelijke inpassing zou de waarde ervan verbeteren, omdat de natuur meer ruimte krijgt.

Dan nog een belangrijk onderwerp: biodiversiteit. Eerder wees D66 erop dat zonnepanelen funest zijn voor de biodiversiteit. Momenteel worden de voor de zonneweide beoogde percelen gebruikt voor landbouw, waarbij de biodiversiteit op dit moment eveneens schaars is. Ten opzichte van de vorige vergadering zijn we tot het inzicht gekomen dat het plaatsen van zonnepanelen juist een kans kan zijn voor het verbeteren van de biodiversiteit. We zien graag dat het college die kans ook ziet.

Een voorbeeld bevindt zich in Moerdijk. Daar is ongeveer anderhalf jaar geleden een zonnepark gebouwd. Sinds het er staat, houden onderzoekers die verbonden zijn aan Naturalis de biodiversiteit in het park in de gaten. En wat blijkt: er blijkt een relatief verbazingwekkende toename te zijn.

Doordat onder de panelen meer schaduw en een lagere grondtemperatuur is dan in het open veld, krijgen meer plantensoorten een kans. In Moerdijk leidt dat in een jaar tijd bijvoorbeeld al tot een toename van 33 insectensoorten. En die trekken vogels aan. Ook is er een toename aan soorten vegetatie. De belangrijkste ingrediënten voor het vergroten van de biodiversiteit zitten in de inrichting van het park. Bijvoorbeeld, in de inpassing met bosranden (struiken), het liefst inheems. Daarnaast zijn een bewust maaibeleid en het zaaien van bloemenmengsels tussen de stellages belangrijk. Kortom, we hebben het over relatief basale zaken die makkelijk te verwezenlijken zijn en die met weinig middelen kunnen worden gerealiseerd.

Voorzitter, als we na de daken dan toch kiezen voor het inrichten van een zonneweide, laten we dan ook kiezen voor een, wij noemen het: win-win-win-situatie. Er wordt duurzame energie opgewekt (natuurlijk), maar ook het landschap kan worden verbeterd en de biodiversiteit kan een goede kans krijgen. Graag zien we dat onderdeel worden van de plannen.

Dank voor uw aandacht.